COVID-19-crisis en afvalverwerking

COVID-19-crisis en afvalverwerking

De COVID-19-crisis kan van invloed zijn op het beheer (inzamelen, vervoer en verwerken) van afvalstoffen. Bijvoorbeeld door het wegvallen van reguliere verwerkingsmogelijkheden van specifieke afvalstromen in het buitenland.

Ook kan, als gevolg van de crisis, het aanbod van bepaalde afvalstoffen de beschikbare verwerkingscapaciteit overstijgen. Bijvoorbeeld bij afvalstoffen afkomstig van zorg voor (potentieel) met COVID-19 besmette personen.

In deze situatie kan het voorkomen dat mogelijk andere vormen van afvalverwerking dan de minimumstandaarden van het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP) noodzakelijk worden. In geval van een calamiteit bestaat de mogelijkheid om af te wijken van het LAP zonder de afwijkingsprocedure van het LAP te volgen.

Hoe dit in praktijk werkt is door het ministerie nader uitgewerkt in de notitie COVID-19-crisis en afvalverwerking (pdf, 185 kB).

Let op:  afval komt door deze notitie ‘COVID-19-crisis en afvalverwerking’ nu niet eerder in aanmerking voor de einde-afval status. Lees meer in de FAQ hierover, op de pagina FAQ Afvalstof of product

De partij die in afwijking van zijn vergunning tijdelijk afval gaat verwerken of opslaan is de partij die voor toestemming contact op moet nemen met zijn bevoegd gezag.

Voorbeelden:

  • Wanneer iets, wat normaal niet mag worden verbrand, vanwege de COVID-19-crisis toch moet worden verbrand, dan is het de exploitant van de AVI die daar van het bevoegd gezag toestemming voor moet krijgen.
  • Wanneer in verband met de crisis wordt gekozen voor extra opslag bovenop een bestaande vergunning, is het de vergunninghouder van de opslaglocatie die dat met zijn bevoegd gezag moet afstemmen.